Informatie over benodigde apparatuur.
Onderstaande tekst is bedoeld voor aankomende studenten die overwegen apparatuur aan te schaffen voor een opleiding aan De Fotovakschool.
Omdat er voordurend nieuwe camera’s op de markt komen kan onderstaande informatie gedateerd en dus onvolledig zijn.
Beschik je al over apparatuur en tref je deze niet aan in onderstaand overzicht of twijfel je over de aanschaf van nieuwe apparatuur dan kun je contact opnemen met dhr. W. Bouchier (docent Fotovakschool), bereikbaar via ons algemene nummer in Apeldoorn.
Opsomming van geschikte camerahuizen (body):
Eenvoudige modellen;
- Canon EOS 400D, 450D, 500D
- Nikon D540, D40x, D60,D5000
- Olympus E-420, E-520
- Pentax K-100, K200
- Sony Alpha 300, Alhpa 350
Geavanceerde modellen:
- Canon EOS 40D, 50D, 5D MKII, 1D MKIII, 1DS MKIII
- Nikon D90, D300, D700, D3, D3x
- Olympus E-3
- Pentax K-10, K-m
- Sony Alpha 700, Alpha 900
- Fuji S5 pro
Voor de opleiding aan De Fotovakschool volstaan bovengenoemde camera’s.
Beschikbaar budget en persoonlijke voorkeur zijn uiteraard bepalend voor de aanschaf.
Toelichting
- Eenvoudige modellen (instap modellen) – meest voorkomende nadelen vergeleken met geavanceerde modellen:
- Minder bedieningsgemak (doorgaans menugestuurd, waardoor snel werken in de praktijk lastig kan zijn).
- Minder instelmogelijkheden (variërend van scherpstel mogelijkheden tot gewenste sluitertijden)
- Lichter uitgevoerd (storingsgevoeliger en meer kans onscherpte door trillingen)
- Minder bestand tegen weersinvloeden door kunststof behuizing.
- De levensduur van de sluiter (rond de 50.000 opnames, bij geavanceerde modellen is de levensduur 3 tot 5 keer hoger).
- Vaak niet uitgerust met aansluitmogelijkheid voor studioflitsers (er is vaak wel een aparte accessoire voor aan te schaffen)
Hoeveel pixels ?
Afgelopen jaren is een ware oorlog gevoerd wie de meeste pixels kon leveren in een camera.
Een foto met 2 miljoen pixels zal minder pixels en dus minder details bevatten dan een foto met 6 miljoen pixels.
Voor een A4 print is 6 miljoen pixels voldoende. Er zijn tegenwoordig slimme software pakketten die een kleine afbeelding omzetten in posterformaat en waarbij de kwaliteit nog steeds indrukwekkend is.
Een camera met 6 miljoen pixels is voldoende voor de opleiding.
Welke lens?
Opsomming van geschikte lenzen (zie ook toelichting):
Bij de aanschaf van een body worden vaak gelijktijdig lenzen mee verkocht. Deze zgn. kitlenzen – worden in de regel aangeduid met EF-s of DX en zijn doorgaans bedoeld om van start te gaan met redelijke tot goede kwaliteit lenzen voor een relatief goede prijs.
Onderstaande opsomming kan je van dienst zijn als je toch besluit over te gaan op de aanschaf van losse lenzen.
Vaste lenzen:
Canon EF 20mm / 2.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Canon EF 35mm / 2.0 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Canon EF 50mm / 1.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Canon EF 85mm / 2.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Nikon AF-D 20mm / 2.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Nikon AF-D 35mm / 2.0 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Nikon AF-D 85mm / 1.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop- en lichtsterkte)
Zoomlenzen:
Canon EF-s 17-85mm / 4.0 – 5.6 (alleen geschikt voor crop factor)
Canon EF-s 10-22mm / 3.5 – 4.5 (alleen geschikt voor crop factor)
Canon EF-s 17-55mm / 2.8 (alleen geschikt voor crop factor)
Canon EF 17-40mm / 4.0 (geschikt voor zowel crop als niet crop)
Canon EF 24-70mm / 2.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop)
Nikon AF-s DX 18-70mm / 3.5 – 5.6 (alleen geschikt voor crop factor)
Nikon AF-s DX 18-135mm / 3.5 – 5.6 (alleen geschikt voor crop factor)
Nikon AF-s DX 12-24mm / 4.0 (alleen geschikt voor crop factor)
Nikon AF-D 24-85mm / 2.8 – 4.0 (geschikt voor zowel crop als niet crop)
Nikon AF-s 17-35mm / 2.8 (geschikt voor zowel crop als niet crop)
Bovenstaande lenzen zijn een kleine greep uit het enorme aanbod van lenzen voor digitale spiegelreflexcamera's. Fabrikanten van camera's produceren doorgaans ook lenzen. Maar er zijn ook producenten die alleen maar lenzen aanbieden zoals Sigma, Tamron en Tokina.
Links voor informatie:
www.canon.nl
www.nikon.nl
www.sony.nl
www.olympus.nl
www.fuji.nl
www.pentax.nl www.sigma-benelux.nl
www.tamroneurope.com
www.thkphoto.com
Toelichting
Een digitale spiegelreflexcamera heeft verwisselbare lenzen (objectieven).
Het is dus mogelijk om verschillende lenzen aan te schaffen en deze te wisselen.
Op een lens wordt zowel de brandpuntsafstand als de lichtsterkte (hoeveel licht laat de lens door) aangegeven.
Sinds de intrede van de digitale spiegelreflexcamera zijn er een aantal zaken veranderd waaronder het soort lenzen. De meeste digitale spiegelreflexcamera’s hebben een zgn. cropfactor, dat wil zeggen dat een klein deel van ons vroegere negatief gebruikt wordt om een beeld (foto) vast te leggen.
Als we de ontwikkelingen volgen op het gebied van de digitale spiegelreflexcamera’s zien we dat er inmiddels ook (dure) digitale spiegelreflexcamera’s gemaakt worden waarbij het formaat van de chip weer gelijk is aan die van analoog film. We spreken dan van full-size chips! Enkele modellen zonder cropfactor: Canon 5D, Nikon D3, Nikon D700, Canon 1Ds, Sony Alpha 900.
Lenzen gaan vaak langer mee dan de body!
Rekening houdend met bovenstaande is het te overwegen lenzen aan te schaffen die passen op body’s met en zonder cropfactor; de ontwikkelingen gaan nu eenmaal snel!
Brandpunt:
Het brandpunt van een lens wordt aangeduid in millimeters, bijv. 50 mm of 28 mm.
Een lens met variabele brandpunten noemen we een zoomlens en kan bijv. een brandpunt verloop hebben van 28-135 mm.
Brandpunt vertelt ons hoe deze lens ‘kijkt’, de beeldhoek waarin we een ruimte kunnen waarnemen. Als we uitgaan van ons menselijk oog dan kunnen we, ook al kijken we recht naar voren, links en rechts nog een deel van de ruimte waarnemen. Onze waarneming komt ongeveer overeen met een brandpunt van 50 mm. Een lens met een brandpunt van bijv. 135 mm geeft een veel kleiner beeldhoek, dus een klein deel van de ruimte waarin we kijken (telelens).
We halen iets wat verder weg is ‘dichterbij’ en isoleren daarbij een klein deel uit de ruimte.
Het omgekeerde heet groothoeklens; we proberen een groot deel van de ruimte in een keer zien. We spreken over een brandpuntsafstand van 24 mm of minder.
Lichtsterkte:
Op een lens wordt naast de brandpuntsafstand ook de lichtsterkte aangeduid. Bijvoorbeeld 2.8 of 3.5 of 5.6 enz.
Hoe lager dit getal hoe meer licht de lens doorlaat (belangrijk bij fotograferen bij weinig licht).
Hoe meer licht de lens doorlaat (bijv. 2.8) hoe duurder de lens. Zoomlenzen hebben vaak een verloop in lichtsterkte, bijv. 3.5 - 5.6. Alleen duurdere zoomlenzen hebben een constant in lichtsterkte.
Opsomming:
Welke lens is geschikt?
Voor De Fotovakschool is een brandpunt vanaf 28 mm tot een 135 mm wenselijk (full-size chip).
Voor een camera met een cropfactor (nagenoeg alle huidige types – zie hierboven) is een brandpuntsafstand gewenst van 18 tot 85 mm.
Printer:
Het is handig om thuis een printer te hebben. Als je een printer wilt aanschaffen houd dan rekening met het volgende: De printer moet minimaal op A-4 formaat kunnen printen, voor fotokwaliteit van 300 dpi, uitvoerresolutie 1440 dpi.
Een printer thuis is niet nodig als je besluit het werk uit te besteden aan een fotolab. Vrijwel elk lab heeft de mogelijkheid dit voor je te doen.
Statief:
In de vele soorten die worden aangeboden speelt persoonlijke voorkeur een grote rol. Statieven onderscheiden zich in de mogelijkheid om niet alleen hoog te komen maar ook hoe laag deze kunnen komen, denk hierbij aan bijv. macrofotografie dicht bij de grond. Een statief moet stabiel zijn en een prettige hoogte hebben zodat er goed mee gewerkt kan worden.
Aanvullende benodigdheden per opleiding:
Basisopleiding
De materialen die tijdens de lesdagen op school gebruikt worden, zijn bij de prijs van de opleiding inbegrepen. Voor de thuisopdrachten moet je rekening houden met kosten voor het afdrukken / printen van de foto’s en voor de aanschaf van een portfoliomap.
Voor de Vakopleiding, FVG en TFB:
Voor deze opleidingen heb je ook een aparte flitser nodig.
Een flitser (richtgetal 32 of meer) met neigbare flitskop en regelbare flitssterkte en bij voorkeur een flitser uitgevoerd met een display waarop een afstandsschaal af te lezen is. Op de flitser moet een M-stand of een A-stand zitten, maar dit mag niet alleen een A-tttl of E-ttl stand zijn. Deze A- en E stand mogen wel aanvullend zijn.
|